Grote HUISARTS ENQUETE

OPVALLENDE CIJFERS!Meer dan 7000 respondenten60% van de vrouwen heeft liever een vrouwelijke huisarts1 op de 8 stelt haar doktersbezoek uit

Seksuele problemen bespreken of een onderzoek ‘daar beneden’, daarvoor gaan we liever niet naar een mannelijke huisarts. Dat blijkt uit dit grootschalige onderzoek. Zelfs veel mannen kloppen liever aan bij een vrouw. Hoe komt dat?

Onderzoek en Tekst: Mensje Melchior en Lisa Peters

Nadine (36) had al meer dan een jaar last van hevige menstruatiepijn. Haar huisarts – een man – zei dat ‘dit soort vrouwenproblemen er nu eenmaal bij horen’. “Ik lag elke maand dubbelgevouwen van de pijn op de bank. Het voelde alsof iemand een mes in mijn buik stak. De derde keer dat ik met deze klachten bij mijn huisarts kwam, zei hij: ‘Neem een paracetamolletje en ga met een kruik naar bed. Dan gaat het wel over.’ Alsof ik me inbeeldde hoe erg de pijn was. Dat was de druppel. Ik heb een verwijzing naar een gynaecoloog geëist.” Ze bleek endometriose te hebben, een aandoening die pijnlijke ontstekingen, verklevingen en cystes kan veroorzaken. “Het is alweer acht jaar geleden, maar ik ben nog steeds boos omdat mijn huisarts me niet serieus nam. Hij kon zich niet in mijn ‘vrouwenkwaaltje’ inleven. Na de diagnose heb ik gekozen voor een nieuwe, vrouwelijke huisarts. Wat een verademing. Zij neemt de tijd en overlegt goed met mij over wat ik wil.”

Gewoon aardiger

Het zou niet mogen uitmaken of onze huisarts een man of een vrouw is. Toch huiveren veel mensen bij het idee zich bloot te geven aan een dokter van het andere geslacht. We vroegen: wanneer hebben we liever een vrouw of juist een man als huisarts? En is die voorkeur terecht? Samen met de Nederlandse Patiëntenfederatie werd een grootschalige enquête uitgezet over de kwestie: is onze ideale huisarts een man of een vrouw? De vragenlijst werd ingevuld door 7010 mensen (56% van de respondenten was vrouw). Niet eerder werd in Nederland zo’n groot onderzoek naar dit onderwerp gedaan.

De resultaten zijn zeer veelzeggend. Zo vinden veel mensen een vrouwelijke dokter duidelijk aardiger. Volgens hen is zij empathisch en minder afstandelijk dan een mannelijke collega. “Mijn huisarts, een vrouw, is vriendelijk en neemt echt de tijd voor me. Ik voel me bij haar geen nummer”, zegt een van de deelnemers aan het onderzoek. Ruim een kwart vindt dat vrouwen zich goed kunnen inleven in de patiënt, terwijl slechts 4% deze kwalificatie eerder bij een mannelijke dokter vindt passen. 69% ziet niet zo snel een verschil. Vrouwen ervaren dit verschil trouwens vaker; 30% van hen vindt inlevingsvermogen een eigenschap die meer bij de vrouwelijke dokter past en 20% vindt ook dat de eigenschap ‘goed luisteren naar klachten en vragen’ meer bij een vrouw past. 25% vindt dat mannelijke huisartsen zich meer autoritair opstellen.

Vertrouwensband

Niet gek dus dat vrouwelijke huisartsen in trek zijn, zeker bij vrouwelijke patiënten. Van de vrouwen heeft 27% liever een vrouw als huisarts. Vooral bij specifieke klachten zijn veel deelnemers stellig. Vier op de tien vrouwen heeft bij het bespreken van intieme problemen het liefst een vrouwelijke huisarts tegenover zich. Bijvoorbeeld als het gaat om problemen en vragen over seksualiteit (44% bespreekt dat liever met een andere vrouw), klachten rond de menstruatie (37%), problemen en vragen over intieme geslachtsdelen (40%) en lichamelijk onderzoek (de helft!).

Toine Lagro-Janssen (zie ook kader op rechterpagina), emeritus huisarts en hoogleraar Vrouwenstudies Medische Wetenschappen aan het Radboudumc vindt de voorkeur voor een vrouwelijke huisarts opvallend. Zij stelt: “Zo’n hoog percentage valt niet te negeren; dit betekent dat vrouwen, als ze dat willen, ook echt de kans moeten krijgen een vrouwelijke huisarts te zien. Het is goed dat ze zo uitgesproken zijn. Vrouwen gaan vaker naar de huisarts, dus voor hen is het extra belangrijk om een vertrouwensband met hun dokter te hebben.”

De deelnemers konden opschrijven bij welke onderwerpen of klachten ze liever een vrouw spraken. Op nummer één staan ‘vrouwenklachten’. Daarna werd de overgang vaak genoemd, het laten maken van een uitstrijkje, vaginale of gynaecologische klachten en menstruatieklachten. Een deelneemster: “Ik vind het moeilijk om te ontspannen bij het maken van een uitstrijkje. Dat is voor een man slecht te begrijpen, maar vrouwen kunnen zich dit goed voorstellen. Alleen dat al helpt mij om toch relaxed op de behandeltafel te liggen.” Een ander schrijft: “Mijn huisarts, een man, is nogal hardhandig bij het vaginale onderzoek en heeft de neiging een wenkbrauw op te trekken bij bepaalde vragen. Ik heb dan liever een vrouw.”

Een beetje mannelijke dokter is toch professioneel genoeg om goed om te gaan met ‘vrouwenproblemen’? Je zou denken dat hij net zo goed en integer een lichamelijk onderzoek bij een vrouw kan doen. Zijn vrouwen misschien overdreven preuts? “Helemaal niet”, vindt Hedwig Vos, huisarts in Den Haag. “Als ik zelf een uitstrijkje moet laten maken, doe ik dat ook liever bij een vrouwelijke collega. En dat vrouwen bijvoorbeeld over menstruatieklachten of de overgang liever met een vrouwelijke arts praten, vind ik ook logisch. Die heeft het misschien zelf ook meegemaakt en kan zich er sowieso beter in inleven.”

Uit de kleren

Waarom bespreken vooral vrouwen hun klachten en kwalen liever met een huisarts van het eigen geslacht? Het antwoord is simpel: schaamte. Vrouwen vinden zichzelf vaker dan mannen lelijk en onaantrekkelijk en generen zich meer voor hun lijf. Dit blijkt uit de antwoorden op de open vragen, waarop vooral vrouwen uitspraken doen als: “Ik voel me oud en lelijk”, “ik ben te mollig!” en “ik walg van mijn eigen lichaam.” Uit de kleren gaan voor een arts vindt een op de vijf vrouwen lastig, vooral als borsten, buik en billen zichtbaar zijn. Opvallend is dat vooral jonge vrouwen met het schaamrood op de kaken naar de dokter gaan. Voor seksuele problemen of lichamelijk onderzoek gaat van de vrouwen onder de 40 jaar maar liefst 60% liever naar een vrouwelijke huisarts. Ter vergelijking: voor vrouwen boven de 69 is dit de helft minder. Blijkbaar zitten we lekkerder in ons vel naarmate we ouder worden. Soms is de schaamte zo groot, dat patiënten als een berg gaan opzien tegen een doktersbezoek. 1 op de 8 vrouwen (tegenover 1 op de 25 mannen) heeft weleens een afspraak uitgesteld omdat ze ertegen opzag om de klacht met iemand van het andere geslacht te bespreken.

Ze lopen langer rond met schimmelinfecties of aambeien en schuiven uitstrijkjes voor zich uit. Dat brengt vooral ongemak met zich mee, maar uitstel kan ook tot slapeloze nachten en misschien zelfs tot gevaarlijke situaties leiden. Zoals bij een vrouw met een knobbeltje in haar borst: “Ik wilde niet dat daar een mannelijke arts aan zat.” Zorgelijk, vindt Toine Lagro-Janssen.

“Mensen zouden het gevoel moeten hebben dat ze altijd bij hun huisarts terechtkunnen. Langer blijven rondlopen met aambeien, dat is echt geen pretje. Het is jammer dat mensen door schaamte langer dan nodig last van zoiets blijven houden. Hoe vaak dat uitstellen ook echt tot gevaarlijke situaties leidt, is niet te zeggen. Ik hoop maar dat mensen met klachten die op ernstige gezondheidsproblemen kunnen duiden, toch binnen een paar dagen terechtkomen bij de huisarts van hun keuze – man of vrouw.”

Subtiele verschillen

De Libelle-enquête heeft vooral het onderbuikgevoel van patiënten blootgelegd. Maar zijn we ook echt beter af met een vrouw als dokter? Onderzoek van de Amerikaanse universiteit Harvard, waarvoor 1,5 miljoen ziekenhuisopnames van 65-plussers onder de loep werden genomen, liet eind 2016 zien dat vrouwelijke artsen wel degelijk betere zorg leveren. Een patiënt die in het ziekenhuis werd geholpen door een vrouwelijke arts had 4% minder kans op overlijden en 5% minder kans om binnen dertig dagen weer opnieuw opgenomen te worden. Het lijkt een klein verschil, maar het laat zien dat vrouwelijke artsen blijkbaar anders – beter – werken. Bovendien becijferden de onderzoekers dat wanneer mannen het net zo goed zouden doen als hun vrouwelijke collega-artsen, dit in de Verenigde Staten zo’n 32 duizend doden per jaar zou schelen. De artsen in kwestie waren internisten, zij verlenen in de VS vaak zorg die in Nederland meestal op het bordje van de huisarts ligt, zoals diabeteszorg.

Een ander onderzoek van afgelopen najaar laat ook een m/v-verschil in de operatiekamer zien. Onderzoekers keken naar 104 duizend operaties in Canada en ontdekten: patiënten van vrouwelijke chirurgen hebben een 4 procent lagere kans om te overlijden of complicaties op te lopen.

Wat doen vrouwelijke artsen anders dan hun mannelijke collega’s? Debra Roter, hoogleraar volksgezondheid in Amerika, bestudeert dit verschil al meer dan dertig jaar. Ze vond een waslijst subtiele verschillen in hoe mannelijke en vrouwelijke dokters met hun patiënten omgaan. Zo bespreken vrouwelijke artsen emoties vaker, ze uiten hun bezorgdheid meer en zijn empathischer, bijvoorbeeld door te zeggen: “Ik vind het heel naar voor u.” Ook stellen ze meer vragen over het psychisch welzijn van de patiënt (“hoe gaat het tussen u en uw man?” ). Ze geven hierover ook meer advies (“ik denk dat u baat zou hebben bij een steungroep” ). Vrouwelijke artsen doen meestal ook meer moeite om de patiënt als gelijke te behandelen, zij hebben minder de houding van: de dokter weet ’t het beste. Ze moedigen meer dan mannelijke collega’s patiënten aan om verder te vertellen. In plaats van naar hun computerscherm te staren, kijken ze de patiënt aan en tonen begrip. Tot slot nemen vrouwelijke artsen meer tijd voor de patiënt. Afspraken met hen duren gemiddeld 10% langer dan met een mannelijke dokter.

Elke patiënt een puzzel

Deze manier van communiceren werpt z’n vruchten af. Patiënten vertellen meer aan een vrouwelijke dokter, over hoe ze zich voelen én over hun medische verleden. “De patiënt is als een puzzel, elk stukje informatie geeft een helderder beeld van het wel en wee. En dus meer handvatten voor een huisarts om een patiënt zo goed mogelijk te helpen”, zegt hoogleraar Roter hierover. “Het is dus niet zo gek dat veel mensen liever een vrouw als huisarts hebben. Patiënten houden ervan de volledige aandacht van een arts te krijgen. En het onderbuikgevoel van de deelnemers uit de enquête klopt: vrouwelijke artsen stellen de mens meer centraal.”

Volgens Toine Lagro-Janssen is er nog iets dat vrouwen tot betere huisartsen maakt. “Ze houden zich beter aan de richtlijnen, blijkt uit onderzoek. Die richtlijnen zijn er niet voor niets. Daarin staan de beste manieren om een patiënt te behandelen. Vrouwelijke artsen leggen ook uitgebreid uit hoe de patiënt het beste zijn medicijnen kan gebruiken. Al die kleine dingen bij elkaar, maken het verschil. Patiënten van artsen die minder goed communiceren, voelen zich niet gehoord, vertrouwen de arts niet echt en houden zich daardoor niet goed aan de aanbevelingen. Ze stoppen bijvoorbeeld te vroeg met het slikken van medicijnen.”

Oog voor misbruik

Behalve schaamte is er nog een reden waarom vrouwen liever géén man als huisarts hebben: seksueel misbruik. Ervaring met aanranding, verkrachting en seksuele intimidatie wordt regelmatig genoemd in de enquête: “ik ben seksueel misbruikt en vertrouw alleen vrouwen”, “ik ben verkracht door een man”, “ik heb een posttraumatische stressstoornis door misbruik en seksueel geweld.” Toine Lagro-Janssen heeft als huisarts ook veelvuldig meegemaakt dat vrouwen vertelden misbruikt te zijn. “Dat komt niet alleen doordat ik me in dit onderwerp heb gespecialiseerd, maar ook omdat ik doorvraag: waarom heeft iemand zo veel last van stressklachten, wat zit daarachter? En als ik merk dat mensen moeite hebben met lichamelijk onderzoek vraag ik ernaar: is er soms iets naars gebeurd? Zo geef ik mensen de mogelijkheid erover te vertellen en kunnen ze hulp zoeken.” Veel vrouwelijke huisartsen hebben daar oog voor, weet zij. “In Rotterdam is een groot onderzoek gedaan waarbij huisartsen getraind werden in het signaleren van misbruik. Na die training werden ze gevolgd, waarna bleek dat vrouwen drie keer zo vaak in de gaten hadden wanneer een patiënt misbruikt was.”

Goede keuze

Moeten we dus massaal onze mannelijke huisarts inruilen voor een vrouwelijke collega? Dat is wat kort door de bocht. We kunnen niet alle mannen en vrouwen over één kam scheren; daarvoor verschillen huisartsen onderling te veel. Een flink aantal deelnemers aan de enquête is bovendien gewoon tevreden met hun huisarts – of dat nu een vrouw of een man is. Hoogleraar Debra Roter: “Er zijn ook fantastische mannelijke artsen.” Maar toch zegt zij, gezien de prestaties van vrouwelijke dokters: “In geval van twijfel, of wanneer je verder niets over de arts weet, kun je het beste voor een vrouw kiezen.”


“Vrouwen uit de hele stad kwamen naar mij toe”

Toine Lagro- Janssen (69) was de eerste vrouwelijke huisarts in Nijmegen.

Zij vindt dat een huisarts de beste zorg levert door écht geïnteresseerd te zijn in de levens van patiënten. “In 1977 begon ik als huisarts, in een tijd dat maar 5% van de huisartsen vrouw was. Vrouwen uit de hele stad kwamen naar mij toe met ‘vrouwenzaken’: problemen rond de menstruatie, ongewenste zwangerschappen, vragen over anticonceptie en de overgang. Maar ook met grote geheimen zoals incest en huiselijk geweld.

Ik ben echt geïnteresseerd, vraag door en neem de tijd. Mensen merken dat en durven daardoor na verloop van tijd hun diepste geheimen met mij te delen. Doorvragen kan er ook voor zorgen dat patiënten niet nog verder overrompeld raken door de stress van het dagelijkse leven. Neem vrouwen met jonge kinderen, ik heb zo vaak gezien dat overvraagde moeders uitgeput raken. Ze voelen zich schuldig omdat ze het idee hebben op twee fronten te falen: thuis en op het werk. Schuldgevoel is een uitputtende emotie. Er zijn huisartsen die dat voer voor psychologen vinden, maar ik niet. Als vrouwen bij mij kwamen met vermoeidheidsklachten of bijvoorbeeld hoofdpijn of rugpijn, vroeg ik hoe hun dag eruitzag, waar ze tegenaan liepen en hoe het voelde als het niet lukte om al die bordjes in de lucht te houden. Het mooie aan gesprekken die verder gaan dan de medische klachten, is dat mensen zelf met oplossingen komen. Dan bedenkt iemand dat het een goed idee is om met haar omgeving te bespreken dat het niet meer gaat, en probeert ze taken over te laten nemen. Zo geef je vrouwen de mogelijkheid het heft in handen te nemen en gevoelens van onmacht om te zetten in een zoektocht naar wat ze zelf belangrijk vinden.”

DIABETES? BETER AF BIJ EEN VROUW

Mensen met diabetes zijn beter af bij een vrouwelijke arts, laat een onderzoek met meer dan 50.000 Duitse diabetes type 2-patiënten zien. Bij deze ziekte is de betrokkenheid van de patiënt belangrijk. Als die een gezonde levensstijl heeft, goed zelf bloedwaarden meet en injecties toedient, voelt hij of zij zich beter. Bij patiënten van vrouwelijke artsen waren de bloedsuikerwaarden vaker goed. Volgens de onderzoekers besteden vrouwelijke artsen meer tijd aan het uitleggen wat diabetes precies is en wat patiënten zelf kunnen doen om complicaties te voorkomen.

“HIJ WIST ZICH GEEN RAAD MET MIJN PANIEK”

Eugenie Johannes (43, werkt in de horeca) heeft een mannelijke huisarts.

Door seksueel misbruik in haar jeugd wil ze bij bepaalde klachten en lichamelijk onderzoek graag een vrouwelijke arts. “Jarenlang meed ik de dokter. Ik liep door met een gebroken teen, mijn huid was er ernstig aan toe, maar ik durfde niet. Zelfs toen ik klachten in mijn intieme delen kreeg, schoof ik een afspraak maken bij de huisarts voor me uit. Ik schaamde me zo voor mijn lijf en ik vertrouwde niemand. Toen we verhuisden, was dat een nieuwe start voor mij. Ik wist: nu móet ik dat uitstrijkje laten maken. De huisarts was een aardige, wat oudere man. Ik had hem over mijn misbruikverleden verteld, maar toen ik met ontbloot onderlijf op de behandeltafel lag, raakte ik toch in paniek. Het was precies zoals vroeger, ik gilde van angst. De huisarts wist zich geen raad en ging door terwijl ik daar als verlamd lag.

Hij probeerde me gerust te stellen en zei: ‘Het ziet er mooi uit, hoor.’ Dat wekte juist mijn argwaan. Ik voelde me zo onveilig. Tijdens het misbruik kreeg ik veel kritiek op mijn borsten, daardoor vind ik het nog steeds moeilijk om ze te accepteren. Ik zie daarom nu al op tegen het bevolkingsonderzoek borstkanker. Als ik zelf een knobbeltje zou voelen zitten, zou ik daarmee niet naar mijn huidige huisarts durven.

Ook al is hij een prettige man die ik steeds meer begin te vertrouwen. Gelukkig weet ik nu dat ik altijd kan kiezen voor een vrouwelijke huisarts. Wel merk ik dat ik – naarmate ik ouder word – steeds beter in mijn vel zit. Ik durf nu voor mezelf op te komen. Ik neem bijvoorbeeld een goede vriendin mee naar een spannend doktersbezoek.”

“WE ZIJN GEWOON GEEN GOEDE MATCH”

Wouter Smit (69) klopt met mannenproblemen liever aan bij een mannelijke huisarts, maar voor overige klachten en kwalen heeft hij betere ervaringen met vrouwelijke huisartsen.

“Het was al gênant om te vertellen dat er bloed bij mijn zaadlozing zat. Maar toen mijn vorige huisarts, verder een heel prettige vrouw, iets te doortastend (‘hop, broek uit, even liggen’) met een rectaal onderzoek de prostaat onderzocht, dacht ik: dit nooit meer. Met problemen rondom de intieme delen wil ik een mannelijke arts, anders ga ik zulke onderzoeken uitstellen. Een man vertrouw ik meer, hij begrijpt wat ik bedoel. Bij vrouwelijke artsen heb ik, als het om seksuele problemen gaat, de neiging om het mannetje uit te hangen. Ik vertoon dan haantjesgedrag, wil indruk maken en bagatelliseer mijn klachten. Heel vervelend. Want voor alle andere klachten ga ik liever naar een vrouw. Ik vind vrouwelijke artsen veel empathischer. Mijn huidige huisarts is een wat oudere man die mij wel even zal vertellen hoe het zit. Hij is stug en kijkt niet verder dan de klacht. Ik krijg een batterij pillen van hem en als die niet werken, mag ik terugkomen voor andere medicijnen.

Ik heb de indruk dat hij me voor geen meter kent, terwijl ik hem regelmatig zie. Een paar jaar geleden ben ik zelfs vanuit zijn praktijk met spoed naar het ziekenhuis vervoerd. Vijf dagen lag ik op de intensive care door een herseninfarct. Hij heeft daarna nooit gevraagd hoe het afgelopen is en hoe het met me gaat. Ik heb gewoon pech: mijn huisarts en ik zijn geen goede match. Misschien is het tijd om weer over te stappen.”

Eenmalig een ander

Patiënten hebben het recht om, wanneer zij dat willen, voor een keer door een vrouwelijke of juist mannelijke huisarts geholpen te worden. 38% van de mensen weet dat niet, blijkt uit onze enquête. De Nederlandse Patiëntenfederatie adviseert om in zo’n geval het gesprek aan te gaan. “Vertel waarom u in dit specifieke geval bijvoorbeeld liever door een vrouw wordt gezien”, zegt woordvoerder Thom Meens. “Als het niet kan in de eigen huisartsenpraktijk, vraag dan of de huisarts een collega in een andere praktijk kent waar u voor één keer heen kunt. Dit is geen vreemd verzoek – zeker niet als de arts de reden ervoor kent.”

PS

Goed nieuws: de vrouwelijke huisarts is in opmars. Tien jaar geleden was eenderde van de huisartsen vrouw, nu is dat iets meer dan de helft. Het worden er de komende jaren alleen maar meer – zeker omdat tweederde van de geneeskundestudenten vrouw is.

Libelle, 16 februari 2018