Transactie

Fotograaf Ernst Coppejans doorbreekt de onzichtbaarheid van transmannen, die geboren werden als vrouw, maar nu als man door het leven gaan.

TEKST LISA PETERS FOTOGRAFIE ERNST COPPEJANS

“Ik ben aan het inburgeren in de wereld der mannen,” zei schrijver Maxim Februari tijdens een uitzending van De wereld draait door in 2013, een jaar nadat hij had besloten niet langer als vrouw door het leven te gaan. Transseksualiteit – het veranderen van sekse – haalt meestal de media als het om transvrouwen gaat (die van man naar vrouw veranderen), zoals Kelly van der Veer uit het derde seizoen Big brother, model Valentijn de Hingh of Caitlyn Jenner, een Amerikaanse voormalige tienkamper. Minder bekend zijn transmannen, zoals Februari, die het proces van vrouw naar man doorlopen,

Voor fotograaf Ernst Coppejans was de onzichtbaarheid van transmannen de reden voor de fotoserie Transman. “Over transmannen wist ik weinig, ik kende er zelfs geen,” zegt Coppejans. Hij besloot er vijf vast te leggen op een bijna pasfotoachtige manier. “De foto’s zijn basic, de aandacht wordt niet getrokken naar het gender van de geportretteerden.”

Deels is de onbekendheid over transmannen te verklaren door aantallen. Volgens het genderteam van het VU medisch centrum komt transseksualiteit in Nederland voor bij ongeveer één op de 10.000 mannen en één op de 30.000 vrouwen.

Daarnaast is er in onze cultuur meer speelruimte voor mannelijkheid in een vrouwenlichaam dan andersom, zegt Jonah Lamers, ervaringsdeskundige en voorlichter over genderdiversiteit. “Denk bijvoorbeeld aan meisjes die zich als tomboy kleden. Een jongen trekt niet net zo makkelijk een jurk aan,” zegt hij. Transvrouwen vallen daardoor vaker op dan transmannen; fysieke kenmerken zoals een lage stem, grote handen en brede schouders – die we associëren met mannelijkheid – worden niet weggenomen door hormoontherapie of een operatie.

Dit heeft soms nare gevolgen. “Transvrouwen hebben vaak meer akelige ervaringen dan transmannen. Ze zijn vaker slachtoffer van geweld,” zegt Lamers. Er zijn dus niet alleen minder transmannen, ze vallen op straat ook minder op.

Over transgenders – mensen wier sekse niet overeenkomt met hun identiteit – wordt vaak gesproken alsof ze in het verkeerde lichaam geboren zijn. Volgens Lamers zegt het idee van een verkeerd lichaam veel over hoe onze samenleving over gender denkt: “Iemand is mannelijk óf vrouwelijk. En ertussenin zit niets.” De fotoserie Transman laat zien dat het niet zo zwart-wit is.

Schermafbeelding 2016-02-17 om 10.42.48

‘Als man word ik serieuzer genomen dan als vrouw’

Alex Bakker (46), historicus

“Toen ik achttien jaar geleden in transitie ging, heb ik ervoor gekozen alles van vroeger weg te gooien. Mijn jeugd werd een taboeonderwerp; ik creëerde voor mezelf de illusie dat ik als jongen was geboren, of in elk geval niet had bestaan voordat ik man werd. Rond mijn veertigste liep ik hierin vast, want je kunt niet een man zijn zonder verleden. Al helemaal niet als je historicus bent. Vorig jaar kwam het boek uit dat ik over mijn eigen geschiedenis heb geschreven: Mijn valse verleden.”

“Ik blijf het moeilijk vinden om over vroeger na te denken. Foto’s van toen wil ik nog steeds niet zien. Voor mij zijn het nare herinneringen die gepaard gaan met een diep gevoel van onveiligheid.”

“Als man word ik serieuzer genomen dan als vrouw. In werksituaties word ik, als ik stelling neem, eerder gehoord, terwijl een stellige vrouw al snel afgeserveerd wordt als kenau. Een man hoeft ook minder lief en aardig te zijn om toch volledig geaccepteerd te worden. Dit vind ik ernstige gewaarwordingen.”

“Soms maak ik me zorgen dat het woord transgender steeds meer geassocieerd wordt met een derde geslacht, een tussenpositie. Voor mij hoeft gender in de vorm van mannelijk en vrouwelijk niet opgeheven te worden. Ik heb juist zo veel moeite gedaan voor dit mannelijk lichaam.”

Schermafbeelding 2016-02-17 om 10.47.40

‘Ik werd nooit gezien voor wat ik ben: een man’

Sam Witte (43), schrijver

“Ik voelde me altijd mislukt als vrouw. Het vrouwzijn had ik aangeleerd en ik was er zelfs best goed in om anderen complimenten te maken en over uiterlijk te praten. Maar het voelde nooit natuurlijk.”

“Een paar jaar geleden stond ik rond Kerstmis in vol ornaat in de supermarkt: met stropdas, giletje en colbert. Toch zei de caissière ‘mevrouw’ tegen me. Ik vond het zo frustrerend. Ik hoopte altijd dat ik dit zonder medische behandeling zou kunnen. Als ik in m’n eentje op een eiland had gezeten, had ik best met dat lichaam kunnen leven. Maar het maakte me ongelukkig dat ik nooit werd gezien voor wat ik ben: een man.”

“Hormonen doen veel meer dan alleen het uiterlijk veranderen. Volgens mijn vrouw ben ik door testosteron meer mezelf geworden. Ik dacht altijd dat ik dezelfde persoon zou blijven, maar dat is niet zo. Ik merk dat mijn geduld tijdens het luisteren minder is. Ook kan ik moeilijker bij mijn emoties. Ik kan nog wel huilen, maar niet meer zoals ik dat vroeger kon. En eten smaakt me beter.”

“Ik voel me vrijer nu. Alles wat mijn moeder me heeft geleerd, wat ik niet mocht als meisje, leer ik nu weer af. Ik heb niet het idee dat ik heel mannelijk ben. Ik ben in elk geval niet de clichématige man die lomp en grof is. Ik ben gewoon mezelf. Een jaar geleden ben ik vader geworden. Ik was al moeder van twee kinderen en dat ben ik nog steeds. Het verschil is dat ik nu geen borstvoeding hoefde te geven.”

Schermafbeelding 2016-02-17 om 10.48.41

‘Ik ben pas volledig man als mijn borsten weg zijn’

Jayrello Lionahr (21), student detailhandel

“Sinds de basisschool wil ik al een jongen zijn, bén ik een jongen. Ik heb mezelf geen mannelijkheid aangeleerd, het zit in me. Zodra Ajax speelt, kijk ik. Ik ga nooit naar de vrouwenafdeling in een winkel om een leuk truitje uit te zoeken; ik loop naar de mannenafdeling, pak wat ik nodig heb en ben weg. Er werd me altijd al verteld dat ik een jongensloopje heb.”

“Door de hormonen heb ik een lagere stem en krijg ik meer haargroei. De transitie is lastig, want ik heb nog steeds borsten en die zijn best groot. Ik ben pas volledig man als die weg zijn, maar ik zit beter in mijn vel dan ooit. Op straat werd ik al vaak met meneer aangesproken en nu noemen kennissen en familie me ook ‘hij’. Dat voelt goed.”

“Ik wist niet dat vrouwen ook konden veranderen naar mannen, anders was ik eerder begonnen aan dit proces. Later dacht ik dat het alleen in Amerika kon, totdat ik het tv-programma Hij is een zij met Arie Boomsma zag. Ik ben op internet onderzoek gaan doen en via een vriendin ontmoette ik een andere transman.”

“Het gevoel in het verkeerde lichaam te zitten heb ik lange tijd voor me gehouden. Ik durfde het zelfs niet aan mijn moeder te vertellen. Het was al moeilijk genoeg om tegen haar te zeggen dat ik op vrouwen val. Ze kwam erachter toen er een brief van het VU Genderteam in de brievenbus lag. Ze las wat erin stond en achterop schreef ze: ik ben je moeder en ik hou van je.”

Schermafbeelding 2016-02-17 om 10.49.23

‘Nu kan ik gewoon staand plassen in het herentoilet’

Per Vermaas (49), marktonderzoeker en sportinstructeur

“Ik was iemand bij wie alles goed ging. Cum laude afgestudeerd en goed op weg op de carrièreladder. Maar al die tijd cijferde ik mezelf weg en bouwde ik zo’n muur om me heen dat ik niets meer voelde. Ik haatte mijn lichaam en voelde geen pijn meer. Pas toen ik op het randje van de dood balanceerde, moest ik aan mezelf toegeven dat ik een probleem had.”

“Als kind van vier verloor ik wedstrijden ver-plassen van mijn vriendjes. Daar gaat bij mij ook nog wel wat groeien, dacht ik toen. Ik leidde een dubbelleven, ’s nachts in mijn dromen was ik Jan Piet. Ik bad tot God dat vrouwelijke vormen en het maandelijkse gebeuren weg zouden blijven. Al die tijd hoopte ik dat ik geen vrouw was, maar toen ik als puber ontdekte dat ik op mannen val, besloot ik dat ik ‘normaal’ moest gaan doen.”

“Transmannen gaan na hun transitie vaak gemakkelijk op in de maatschappij. Ik viel vroeger op door mijn manier van kleden, lopen en praten. Nu niet meer. Er werd naar me gegild als ik de dames-wc binnenstapte, nu kan ik gewoon staand plassen in de heren-wc.”

“Voor mij is mannelijkheid dat ik elke dag dezelfde persoon ben: ik heb geen last meer van hormonale schommelingen. Ik vind het geweldig om de fysieke kracht in mijn armen en schouders te voelen. Het mooist is de lichaamsbeharing en de lage stem. Eindelijk heb ik dat passende lijf. Ik ben nu zelfverzekerd en voel weer emoties. Mijn tweede leven is een cadeau en ik ben een gelukkig mens.”

Schermafbeelding 2016-02-17 om 10.49.57

‘Ik vind de term ‘ombouwen’ vreselijk. Ik ben toch geen huis?’

Yvo Manuel Vas Dias (55), voorzitter TransAmsterdam en Amsterdam TransPride

“In mijn vorige leven dacht ik dat ik lesbisch was. Dat begon te wringen, want ik voelde me geen mannelijke vrouw; ik voelde me man. Ik ontmoette een groepje gelijkgestemden. Samen uitten we onze mannelijkheid in kleding. We droegen mooie overhemden en pakken en volgden een workshop over hoe we mannelijk konden lopen.”

“In transitie gaan is een ingewikkeld proces. Je hormoonhuishouding draait 180 graden en de operaties zijn pittig. De term ‘ombouwen’ vind ik vreselijk. Ik ben toch geen huis of auto? Ik ben boeddhist en heb de tijd genomen om dichter bij mezelf te komen voordat ik aan het medische proces begon. Ik wilde erachter komen wat voor man ik was. Ik mediteerde veel en ging in retraite. Vanwege mijn Joodse achtergrond ben ik ook met een keppeltje op naar de synagoge gegaan om te kijken of ik binnenkwam als man.”
“Na de transitie kwam de mannelijkheid meer vanzelf; ik voelde dat ik mijn manzijn niet meer hoefde te bewijzen. Mannelijkheid betekent voor mij in balans zijn met mezelf. Ik ben zelfverzekerd en volg mijn hart. De vader van mijn moeder, is altijd mijn ijkpunt geweest; diep vanbinnen wist ik dat ik zijn kleinzoon was. Nu ben ik gewoon man. Alhoewel, zo gewoon ben ik nou ook weer niet.”

“Testosteron is voor mij een geweldig middel. Wat ik fijn vind, is dat ik als man makkelijker zaken van me af kan laten glijden, ik vat ze niet meer zo persoonlijk op. Dat wil overigens niet zeggen dat ik geen gevoel heb.”

Het Parool, 15 oktober 2015